Kenniscentrum verstandelijk gehandicaptenzorg
Menu

Hoe krijg je extra geld voor extreme zorgzwaarte?

20 oktober 2011 Door de redactie Geen reacties

Door een toeslag extreme zorgzwaarte bij de Nederlandse zorgautoriteit (Nza) aan te vragen als dat nodig is, regel je extra geld om je cliënt beter te begeleiden. Het Centrum voor consultatie en expertise (Cce) toetst de aanvragen en denkt samen met andere partijen mee over hoe de zorg te verbeteren is.

Van beveiliging naar begeleiding
“Kijk eens wat mooi.” Trots wijst Peter Wenting (pseudoniem) naar de tientallen cd’s en dvd’s die hij heeft opgehangen in zijn kleine appartement aan de Overtoom. “Wil je koffie?” Druk pratend zet hij die zelf met zijn nieuwe Senseo.

Door Adri Bolt

Het is nauwelijks te geloven dat in deze lange, atletische man van 22 jaar oud het verstand van een 6-jarige schuilt. En dat hij tot voor kort zeer gewelddadig gedrag kon vertonen, waardoor hij voortdurend bewaakt werd. Nu woont hij zelfstandig in De Kleine Johannes, een wooncomplex voor mensen met een verstandelijke beperking van de Amsterdamse zorginstelling Amsta.
“Peter komt uit een zeer problematische thuissituatie. In combinatie met zijn verstandelijke beperking kwam hij daardoor al vroeg in contact met de hulpverlening,” vertelt Mirjam Companjen, gedragswetenschapper bij Amsta. “Jarenlang verhuisde hij van instelling naar instelling, niemand wist raad met hem.”

Overvraagd
Op 13-jarige leeftijd belandde Peter op één van de locaties van Amsta. “Omdat hij als tiener al erg lang en stevig was, werd hij vaak overvraagd: mensen schatten zijn niveau te hoog in. Dat gaf problemen op school en in de groep. Hij begreep anderen onvoldoende, en dat resulteerde in weglopen, spijbelen en veel agressie naar de begeleiding.” Na een verhuizing escaleerde dat gedrag volledig. “Hij wilde niet verhuizen, en kondigde aan dat hij daar alles kapot ging maken. Daar hield hij zich aan. Zo opende hij geen deuren, maar trapte ze in.”

Crisisopvang
Peter belandde in 2007 op de crisisopvang na extreme agressie tegen een groepsgenoot. “We besloten hem niet meer in een groep te begeleiden. Hij ging alleen wonen, en kreeg twee beveiligers. Die grepen in bij fysieke dreiging. Zij waren nodig voor de veiligheid van Peter en zijn omgeving. In die periode vonden we nauwelijks begeleiders die met hem wilden werken. Ze waren bang voor hem.” Uiteraard was het onwenselijk om de begeleiding van Peter uitsluitend te laten uitvoeren door beveiligers. Om de beveiliging af te bouwen vroeg Amsta een toeslag extreme zorgzwaarte aan. Ze onderbouwden de aanvraag met een plan van aanpak. Er kwam een toetsingscommissie van het Cce langs, met een coördinator, gedragswetenschapper en een arts. Bij een deel van het gesprek was Peter aanwezig.

Op de goede weg
De toeslag werd in eerste instantie niet verleend, ‘omdat het perspectief onvoldoende was neergezet’. Op advies van het Cce ging Amsta vervolgens te rade bij Wier: een instelling gespecialiseerd in de observatie, diagnostiek en behandeling van mensen met een lichte verstandelijke beperking en complexe problematiek. “Wier gaf aan dat we op de goede weg waren. Peter zat op de juiste plek, en had een passend begeleidingsteam.” Dat team bestond uit gedragswetenschapper Companjen, teamleider Joyce Olsthoorn en een arts voor verstandelijk gehandicapten. “Wij werkten intensief samen met de beveiligers,” vertelt Olsthoorn. “Dat was goed, maar we moesten duidelijk maken hoe en wanneer we de beveiliging gingen afbouwen, en hoe we regelden dat er goede begeleiding kwam.”

Nieuwe aanvraag
Met die aanvullingen deed Amsta een nieuwe aanvraag en kreeg de toeslag. Die werd aanvankelijk gebruikt voor salarissen en training van de beveiligers. “De beveiligers moesten leren hoe ze oplopende spanning herkenden, en wegnamen - door Peter zoveel mogelijk de ruimte te geven tot zichzelf te komen en het contact daarna te herstellen.” Zo werkten ze toe naar een situatie zonder beveiligers, ook gefinancierd met de toeslag.

Twee kleerkasten
Peter zelf kan zich ‘die twee kleerkasten’ herinneren. “Vroeger had ik wel eens losse handjes. Als ik boos werd grepen ze in. Nu zijn ze niet meer nodig.” Liever praat hij over het heden. Vier werkdagen werkt Peter op een begeleide werkplek in de groenvoorziening. “Maaien, snoeien, zagen, noem maar op. In een vaste groep. Dat gaat meestal goed. Maar maandag had ik nog ruzie. Verder is het wel gezellig.” Op de dinsdagen helpt Peter de huismeester van De Kleine Johannes. “Dan gaan we bijvoorbeeld lampen vervangen.” En in het weekend is er de cliëntensoos. “Je kan kiezen tussen knutselen, sporten of muziek maken. Ik help bij alle drie.” Het wonen op de Overtoom bevalt hem wel. “Ik vind het ook leuk om met andere bewoners slap te ouwehoeren. Of een potje te dammen.” ‘s Avonds heeft hij één op één begeleiding. “Dan gaan we vaak fietsen. Ik ben dol op fietsen. Af en toe gaan we wat drinken buiten de deur. Of een bioscoopje pakken.”

Afbouwen
“Omdat Peter niet meer in een groep woonde, en het gedrag van zijn beveiligers goed op hem was afgestemd, nam zijn agressie langzamerhand af,” vertelt teamleider Olsthoorn. “Dat maakte het makkelijker om begeleiders in te zetten. Na een jaar hadden we de beveiliging afgebouwd, en konden we nieuwe begeleiders inwerken.” Companjen: “We begonnen met een begeleider met een beveiliger ernaast. Dat bouwden we in kleine stapjes af. Na een tijdje zat de beveiliger op kantoor, en kon gebeld worden.” Tegelijkertijd kreeg Peter meer autonomie. “Zo leerden begeleiders hem boodschappen doen. Dat was voor ons spannend, maar Peter leerde ons dat hij die vrijheid aankan.” Tegenwoordig verlegt Peter ook zelf zijn grenzen. “Hij gaat bijvoorbeeld af en toe ‘s avonds alleen naar feesttenten waar beveiligers werken, die hier met hem gewerkt hebben. Dat is dan wel goed afgesproken.”

Kwaliteit van leven
Daarmee heeft Peter een kwaliteit van leven die een paar jaar geleden onbereikbaar leek. “We bieden hem wat hij nodig heeft. Zonder de toeslag zat hij waarschijnlijk achter slot en grendel.” De Toetsingen extreme zorgzwaarte hebben daar ook aan bijgedragen, vindt Companjen. “Het sparren met de professionals van Wier was heel waardevol. Omdat het bevestigde dat we op de goede weg waren, én omdat het ons stimuleerde de beveiliging betrekkelijk snel af te bouwen. Doordat we die beslissing samen met de toetsingscommissie namen, kregen wij, en vooral Peter, meer perspectief.” En dat brengt lagere kosten met zich mee. “Binnenkort vragen we weer een toeslag aan. Maar omdat de beveiliging en begeleiding sterk zijn afgebouwd, gaat het om veel minder geld.”

Feedback
Het Cce adviseert instellingen bij consultaties voor cliënten, en verzorgt de Toetsing extreme zorgzwaarte (Tez). Mariet Beurskens, betrokken bij toetsingen in de regio Zuid: “Bij de Tez toetsen we schriftelijke informatie, waaronder het zorgplan, en gaan op gesprek in de instelling. Dan zien we ook de cliënt. In een verslag voor de Nza en de instelling geven we aan

  • of er sprake is van extreme zorgzwaarte;
  • of het zorgplan goed en uitvoerbaar is;
  • of de aangevraagde middelen passen bij dat zorgplan.
  • Als dat zo is, kent de Nza een toeslag toe. Ook zetten we in het verslag hoe lang deze mag duren. De Nza bepaalt uiteindelijk hoogte en duur van de financiering.”

Het Cce adviseert de instelling naar aanleiding van de toetsing. “Bijvoorbeeld om de cliënt psychiatrisch te laten onderzoeken of om externe expertise in te zetten.” Daarnaast maakt het Cce jaarlijks per instelling een verslag met punten die opvielen bij de toetsingen, en geeft algemene aanbevelingen.

Meer informatie bij  het Centrum voor consultatie en expertise.

De personen op de foto komen niet voor in het verhaal

Om ook te reageren moet u eerst inloggen (alleen voor leden).

Abonneren