Kenniscentrum verstandelijk gehandicaptenzorg
Menu

Gezinnen met veel problemen zijn niet de grootste hulpvragers

5 februari 2013 Door de redactie Geen reacties

Eén op de vijf jongeren (en meestal hun ouders) in Nederland maakt gebruik van jeugdzorgvoorzieningen (19%). Of een gezin problemen ervaart met de opvoeding zit hem meestal niet zozeer in kenmerken van de ouders, maar in die van het kind en vaak gaat het daarbij om een lichte verstandelijke beperking.

De gegevens komen uit een nieuwe publicatie van het Sociaal cultureel planbureau: 'Terecht in de jeugdzorg: voorspellers van kind- en opvoedproblematiek en jeugdzorggebruik.' Voor de gegevens werd een steekproef gehouden onder 25.000 ouders met kinderen onder de 18 jaar.

Andere conclusies uit het rapport:

  • Van de gezinnen die hulp vragen aan de jeugdzorg, stroomt 33 % (een op de drie) door naar vervolgzorg.
  • Gezinnen met veel problemen maken in ruim de helft van de gevallen geen gebruik van tweedelijns jeugdzorg en een deel van de gezinnen met relatief weinig problemen juist wel.
  • Migrantengezinnen maken relatief weinig gebruik van tweedelijnsjeugdzorg.


Zorgen

In Nederland leven ruim 2 miljoen huishoudens met 3,5 miljoen kinderen tot 18 jaar. Ruim een kwart van de ouders maakt zich zorgen om hun kind of de opvoeding. Gedrags- en psychische problemen van kinderen zijn bijvoorbeeld agressief gedrag, teruggetrokken gedrag, angsten en problemen met leeftijdsgenoten.

Vooral kindkenmerken hangen sterk samen met ernstige problematiek. Jongens, oudere kinderen en kinderen met een laag geboortegewicht hebben meer problemen. Ook verstandelijke beperkingen, het volgen van onderwijs op een laag niveau en langdurige lichamelijke ziekten en aandoeningen hangen samen met een sterk verhoogde kans op problemen.

Draaglast
Toch spelen kenmerken van de ouders wel degelijk een rol bij het al dan niet aankunnen van opvoedproblemen. In gezinnen waarin verslaving voorkomt en ouders lichamelijke en psychische problemen hebben, komen veel vaker kind- en opvoedproblemen voor. Dat geldt ook voor eenoudergezinnen en gezinnen met een tienermoeder. Wanneer er (recent) ingrijpende gebeurtenissen plaatsgevonden hebben in het gezin is de kans op problemen eveneens groter. Dit gaat vooral op voor de meest kwetsbare gezinnen. In deze gezinnen kan de draaglast de draagkracht dan overstijgen. Ouders met een laag opleidingsniveau en niet-westerse gezinnen rapporteren juist minder problemen. Het onderzoek kan niet vaststellen of er ook echt minder problemen zijn in deze gezinnen.

Positieve kenmerken zijn geen garantie tegen problemen. Een hoog onderwijsniveau van het kind en een goede gezondheid van de ouders verkleinen de kans op kind- en opvoedproblemen slechts in beperkte mate.

Terecht in de jeugdzorg. Voorspellers van kind- en opvoedproblematiek en jeugdzorggebruik, onder redactie van Sander Bot. Uitgave van het Sociaal cultureel planbureau, te downloaden of te koop (21 euro) op de site van het Scp.

Wil je reageren op dit artikel? Log dan in als abonnee!

Abonneren