Kenniscentrum verstandelijk gehandicaptenzorg
Menu

Brief over toekomst van langdurige zorg

26 april 2013 Door de redactie Geen reacties

Staatssecretaris Van Rijn van Volksgezondheid heeft 25 april een brief gestuurd aan de Tweede Kamer over de hervorming van de langdurige zorg. Het doel van het kabinet – zo schrijft hij - is om mensen met lichamelijke, verstandelijke of psychische beperkingen een waardevolle toekomst te bieden.

Om dit voor elkaar te krijgen, moeten kwaliteit, houdbaarheid en meer zorg voor elkaar hand in hand gaan. Op dit moment maken 800.000 mensen gebruik van langdurige zorg. En 2,6 miljoen mantelzorgers zetten zich in voor hun kwetsbare familieleden.Van Rijn: "Deze brief is het beginpunt van een verantwoorde hervorming van de langdurige zorg en niet het eindpunt."

Sociaal netwerk
De hervormingen zijn nodig omdat de eisen veranderen, schrijft Van Rijn. Mensen willen zo lang mogelijk zelfstandig thuis kunnen wonen en niet eenzaam zijn. De staatssecretaris wil dat er vaker een beroep wordt gedaan op het eigen sociale netwerk van mensen. Indien nodig zijn thuiszorgvoorzieningen via de gemeente beschikbaar. En als het thuis wonen niet meer haalbaar is, dan moet er goede zorg in een instelling zijn.

Betaalbaar
Hervormingen in de langdurige zorg zijn noodzakelijk, aldus Van Rijn, omdat uitgaven te hard groeien waardoor het stelsel financieel onhoudbaar wordt. De uitgaven van de Awbz zijn gegroeid van €275 miljoen bij aanvang (1968) naar € 25,1 miljard in 2011. Het kabinet wil dat de groei afvlakt in de periode 2014-2017, opdat de langdurige zorg beter houdbaar voor toekomstige generaties. In het Regeerakkoord staat dat er structureel 3,5 miljard euro moet worden uitgegeven aan langdurige zorg.

Thuis blijven wonen
Van Rijn noemt in zijn brief aan de Tweede kamer de volgende maatregelen per 2015.
In de nieuwe Wmo:
• wordt mogelijk gemaakt dat meer mensen dan nu met ondersteuning thuis kunnen blijven wonen.
• zijn gemeenten verantwoordelijk voor ondersteuning van burgers, zodat die kunnen participeren.
• blijft meer budget beschikbaar dan eerder voorzien, zodat gemeenten op maat huishoudelijke ondersteuning kunnen bieden: 60% (€530 mln extra) in plaats van 25% van het budget
• komt er een recht op het persoonsgebonden budget, onder strenge voorwaarden en fraudebestendig
• wordt er €50 miljoen uitgetrokken voor sociale wijkteams
• blijft cliëntondersteuning bestaan, zodat een cliënt zich kan laten bijstaan bij de aanvraag. De Awbz-middelen hiervoor worden overgeheveld naar gemeenten (Mee).
• is er een vangnet waarmee gemeenten steun kunnen bieden, ofwel via Wmo-voorzieningen ofwel via de bijzondere bijstand. Het budget hiervoor loopt op tot ruim €700 miljoen in 2017. De huidige landelijke regelingen voor inkomenssteun verdwijnen.

Nieuwe aanspraken
In de Zorgverzekeringswet (Zvw)
• komt een nieuwe aanspraak thuisverpleging, zodat mensen die naast verpleging ook verzorging nodig hebben die van dezelfde hulpverlener kunnen krijgen en mensen langer in eigen omgeving kunnen blijven.
• wordt de rol van de wijkverpleging versterkt: de wijkverpleegkundige is een spil in de zorg van mensen en verbindt het medische en sociale domein. Het kabinet trekt €200 miljoen uit voor meer wijkverpleegkundigen.
• wordt de op behandeling en begeleiding gerichte intramurale geestelijke gezondheidszorg ondergebracht.
In de nieuwe kern-Awbz:
• is en blijft de zorg in een instelling een verzekerd recht.
• wordt mogelijk gemaakt dat mensen in een instelling zorg kunnen krijgen als zij niet langer met steun van hun omgeving thuis kunnen wonen. De drempel voor instellingszorg wordt ten opzichte van het Regeerakkoord verlaagd.
• komt een recht op het persoonsgebonden budget, onder stringente voorwaarden en fraudebestendig
• de verhoging van de eigen bijdrage voor mensen die in een instellingen verblijven, wordt verzacht.
• wordt meer zorg op individuele maat geboden en wordt (in plaats van standaard zorg) gekeken met welke zorg iemand het best geholpen is. In de indicatiestelling wordt bepaald of er een recht op zorg is en hoe zwaar die moet zijn. En bepaalt de zorgverlener in overleg met de cliënt welke zorg het beste past.
• ligt bij de zorgkantoren de verantwoordelijkheid om te zorgen voor een meer doelmatige uitvoering.
Voor 2014 betekent dat:
• extramurale dagbesteding beschikbaar blijft, net als de extramurale persoonlijke verzorging.
• huishoudelijke hulp ook voor nieuwe cliënten beschikbaar blijft

Lees de brief op de site van de Rijksoverheid

Wil je reageren op dit artikel? Log dan in als abonnee!

Abonneren