De Raphaëlstichting heeft twee bestaande ruimtes ingericht als ‘flexkamers’. In deze kamers kunnen vier cliënten om de beurt wonen. Met Flexwonen kan de organisatie meer cliënten een woonplek bieden. Zorgmanager Martine Messchaert en teamleider Simone de Krijger zijn enthousiast over deze woonvorm.
De wachtlijsten voor wonen werden steeds langer bij de Raphaëlstichting. Daardoor kwam er meer druk te liggen op gezinnen. Dat was voor de Noord-Hollandse zorgorganisatie een belangrijke reden om te zoeken naar nieuwe woonvormen.
“We boden al logeerplekken aan,” vertelt Martine Messchaert. “Maar het is lastig om daar genoeg medewerkers voor te vinden, vooral in het weekend. Toen hoorden we over Flexwonen. Dat leek ons een goede oplossing. Met één plek kun je dan meerdere cliënten helpen.”
Combinatie
Flexwonen is een combinatie van logeren en deeltijd wonen. Meerdere cliënten maken gebruik van één bed, op of bij een woonlocatie. Zorgorganisatie de Prinsenstichting ontwikkelde deze manier van werken en deelde haar ervaringen in een lerend netwerk.
De Raphaëlstichting ging op werkbezoek bij de Prinsenstichting en zag de tiny houses die ze daar hebben neergezet en ingericht als flexwoonplek.
Tips
Zelf met Flexwonen aan de slag? Dit zijn de tips van de Raphaëlstichting:
Meer over het opzetten van Flexwonen, lees je op www.kennispleingehandicaptensector.nl/thema-s/wonen/vernieuwende-woonvormen/flexwonen
“De Prinsenstichting laat zien dat je wonen ook anders kunt organiseren,” zegt Martine. “Maar je kunt zo’n aanpak niet zomaar kopiëren. Het moet passen bij je eigen organisatie. Daarom kozen wij voor een praktische oplossing. Samen met teamleider Simone de Krijger ben ik gaan kijken waar binnen de Raphaëlstichting ruimte was voor Flexwonen.”
![]()
Begeleidster Whitney met Lisanne
“We vroegen ons af: waar kunnen we dit snel invoeren, zonder dat het te ingewikkeld wordt?”, vertelt Simone. “We vonden twee plekken op bestaande locaties die geschikt waren. Daar zijn we meteen gestart. We benaderden vijftien cliënten van de dagbesteding en hun ouders. Deze cliënten stonden op de wachtlijst voor wonen. Een aantal van hen had interesse in Flexwonen. Voor veel ouders werd de zorg thuis steeds zwaarder.”
Simpel en dichtbij
Martine en Simone kregen de ruimte om de nieuwe aanpak direct te starten. “De eerste flexkamer is ingericht op een volwassenengroep en de tweede op een kind-jongerengroep,” vertelt Martine. “We hebben daarbij bewust gekozen voor korte lijnen. De teamleider is het vaste aanspreekpunt voor de locatie. De persoonlijk begeleider van de flexbewoner krijgt extra uren om contact te houden met ouders. We houden het bewust simpel, dat werkt voor ons het best.”
De ervaringen met de nieuwe flexwoonplekken zijn positief. “We hebben samen met de ouders uitgevonden hoe we het gingen doen,” aldus Martine. “Daardoor is de band met hen heel goed. En we zien ook dat deze oplossing heel fijn is voor cliënten. De flexwoonplek voelt al vertrouwd. Cliënten komen hier al voor dagbesteding en kennen vaak de andere bewoners al. Daardoor is de stap naar hier wonen, een paar dagen per week, minder groot.”
![]()
Locatie van de Raphaëlstichting in Tuitjenhorn die meedoet aan het flexwonen
Volgens Simone zijn ook de teams enthousiast. “Je zou denken: een extra bewoner betekent extra werk. Toch zijn de teams heel verwelkomend en positief. Ze zien dat Flexwonen helpt om meer cliënten een plek te geven. En we zien dat dit echt een manier is om ouders te ontlasten. Zo houden ze het thuis langer vol met hun kind.”
Meer flexwoonplekken
Al met al is Flexwonen bij de Raphaëlstichting in korte tijd ingevoerd. “Door slim om te gaan met ruimtes, kunnen we cliënten en gezinnen eerder helpen,” aldus Martine. “We gaan nu een toolkit maken voor andere locaties, met daarin uitleg, checklists en een voorbeeldbrief voor cliënten en ouders. Over een jaar hoop ik dat we op iedere hoofdlocatie één of twee flexwoonplekken kunnen aanbieden.” |
Flexwonen is een van de aanpakken in vernieuwende en persoonsgerichte zorg. Twinkels heten die aanpakken. De Prinsenstichting heeft deze manier van werken ontwikkeld tijdens het programma Begeleiding à la carte 1. In Begeleiding à la carte 2 is de aanpak verder uitgewerkt. Dit programma wordt uitgevoerd door kennisorganisatie Vilans. Het is onderdeel van de Toekomstagenda zorg en ondersteuning voor mensen met een beperking van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS). Je vindt alle Twinkels op www.twinkelmagazinegehandicaptensector.nl.