Keuze in passende Wlz-dagbesteding vaak een wassen neus

Houten, 13 maart 2019 17:23 | Door de redactie

Heel veel mensen die langdurig zorg nodig hebben, moesten in de afgelopen jaren veranderen van dagbesteding. In meer dan de helft van de gevallen kwam dit door bezuinigingen bij de zorgorganisaties: voorzieningen gingen dicht, het budget voor vervoerskosten ging omlaag en er vonden reorganisaties plaats. Cliënten hadden in dit geval geen keus en konden ook niet meedenken over een nieuwe plek. Belangenbehartigers Ieder(in), LSR en KansPlus hopen dat de bevindingen uit hun onderzoek zullen bijdragen aan toegang tot dagbesteding die wel aansluit bij de wensen van cliënten in de Wlz.

De aanleiding voor het onderzoek was een eerdere studie naar de wegen die cliënten bewandelen om passende zorg te krijgen. Hieruit kwam naar voren dat persoonlijke keuzes voor dagbesteding sterk onder druk staan; veel mensen gaven aan dat ze gedwongen werden voor andere dagbesteding te kiezen. Daarom interviewden de belangenorganisaties ruim 100 cliënten en hun verwanten over dit onderwerp.

Binnenboord houden
Het onderzoek toont aan dat er vooral voor mensen met een intensieve zorgvraag vaak maar een beperkt aanbod dagbesteding is. Een ander struikelblok is dat veel zorgorganisaties hun cliënten graag binnenboord houden en daardoor geen bereidheid tonen om dagbesteding elders te financieren en ook geen informatie geven over dagbesteding buiten de eigen deuren. Veel zorgorganisaties zijn ook zeer beperkt in het toelichten van veranderingen in dagbesteding, zeker wanneer er sprake is van opgelegde verandering. In die situaties krijgen cliënten het minst ondersteuning.  Soms is er enkel de mededeling dat een cliënt naar een andere dagbesteding moet. Dat wordt gebracht als een voldongen feit.

Ruim 25 procent van de ondervraagden is zelf actief op zoek gegaan naar meer informatie. Maar dat werd niet altijd gewaardeerd door de zorgorganisaties, blijkt uit de interviews. Zo zeggen enkele ouders:


“Wij als ouders denken dat het tijd is om verder te gaan kijken. Op zoek te gaan naar een plek met meer uitdaging. Maar de organisatie ziet dat anders, de noodzaak wordt niet erkend. Er is geen steun of medewerking om iets anders te vinden.”

“Wij voelden ons onder druk gezet toen we andere dagbesteding zochten. Ons werd gezegd: ‘Als uw dochter dagbesteding buiten de deur heeft, blijft er minder budget over voor de bewoners hier.’”


Mensen met een indicatie voor Zorg met verblijf die wél zelf de keuze maken voor andere dagbesteding (intern of extern), hebben daar verschillende redenen voor, zoals:

  • aanbreken van een nieuwe levensfase (transitie school-werk)
  • verhuizing
  • persoonlijke groei en de behoefte aan iets nieuws.


Zij krijgen dan over het algemeen medewerking en steun vanuit de zorgorganisatie.

Een positief beeld is ook te vinden bij schoolverlaters. 70 procent van de leerlingen is tevreden over de ondersteuning die vanuit school wordt geboden over hun transitie van school naar werk/dagbesteding. Maar vooral ouders lopen daarna vast, doordat er in die periode zoveel veranderingen plaatsvinden. Zo zegt een vader een zoon van 20 jaar met een lichamelijke beperking:


”We kregen rond zijn 18-jarige leeftijd te maken met aanvragen Wajong, naar de rechtbank voor bewindvoering/mentorschap,  van vier dagen school naar ineens bijna volledig thuis en de  Wlz–aanvraag (waarbij we discussie moesten voeren over LG in plaats van VG). Er zou een veel betere overdracht en aansluiting moeten zijn tussen einde school en de tijd daarna.”

Vervoerskosten
Bij veel veranderingen in dagbesteding spelen de vervoerskosten een grote rol. Nadat de Nederlandse Zorgautoriteit in 2013 de tarieven voor vervoer naar de dagbesteding verlaagde, gingen zorgaanbieders massaal hun dagbesteding anders inrichten. Sindsdien zijn de vervoerskosten vaak het struikelblok bij het vinden van een goede plek. In het rapport staan veel voorbeelden genoemd, waaronder deze van een man met een zoon van 28 jaar die een verstandelijke beperking heeft:

“Wij moesten voor dagbesteding op het Kunstatelier reiskosten gaan betalen, omdat de afstand groter was dan de grens van 12 kilometer die onze zorgaanbieder hanteert. Per extra kilometer 90 cent. We zijn hier eerst een tijd in meegegaan. We hebben wel onderhandeld en bereikt dat de inkomsten die de zorgaanbieder voor het vervoer kreeg ervan af werden getrokken, maar alsnog was het een grote kostenpost. Na een tijd moesten we vanwege de hoge kosten helaas toch stoppen, het lukte financieel gewoon niet met de Wajong-uitkering. Het Kunstatelier kon zelf niets betekenen in vervoer (zo lagen de afspraken met de zorgaanbieder niet).”

Deze vader heeft het over een grens van 12 kilometer, maar het onderzoek maakt duidelijk dit landelijk zeer verschilt per aanbieder. Sommigen hanteren een grens van 4,4 kilometer, of 10. De hoogte van de bij te betalen bedragen verschillen ook. De meeste ondervraagde familieleden hebben geen idee dat dit door de zorgorganisaties zelf wordt bepaald. Zij hebben het idee dat dit vanuit de overheid zo gesteld is of door het zorgkantoor. Hierdoor nemen ze de extra kosten maar voor lief, of moeten hun familielid toch overplaatsen naar andere, minder geschikte dagbesteding dichterbij.

Onafhankelijk cliëntondersteuner
De hulp die cliënten van een onafhankelijk ondersteuner kunnen krijgen, is nog altijd bij meer dan de helft van de ondervraagden niet bekend. Slechts 16 procent van de ondervraagden heeft gebruikgemaakt van zo’n cliëntondersteuner. Als je weet dat ook medewerkers van zorgorganisaties vaak niet op de hoogte zijn van zo’n persoon, is het niet zo gek dat er weinig beroep op wordt gedaan. Ook bij schoolverlaters en hun familie is weinig bekend over deze ondersteuner. Erg jammer, vinden de belangenbehartigers, omdat juist in zo’n levensfase waarin veel dingen veranderen, deze ondersteuner zeer waardevol kan zijn, levenslang en levensbreed.  |

Lees het rapport
Keuze in dagbesteding. Deze is ook beschikbaar in een makkelijk te lezen versie. Het onderzoek is uitgevoerd door de cliëntenorganisaties KansPlus, het LSR en Ieder(in).

In november vorig jaar schreef
Klik ook over een onderzoek naar dagbesteding, alleen vond dit plaats binnen de Wet maatschappelijke ondersteuning en betrof het een regio in Drenthe. De uitkomsten blijken dicht bij elkaar te liggen.