Aandacht voor emb-kinderen bij debat over onderwijs en zorg

Den Haag, 20 februari 2019 19:33 | Door de redactie

In Den Haag vindt 21 februari het langverwachte debat over onderwijs en zorg. Reden voor verschillende belangenbehartigers - waaronder de Nederlandse Stichting voor het Gehandicapte Kind (NSGK) en de Vereniging Gehandicaptenzorg Nederland (VGN) - om nogmaals aan de bel te trekken en erop te wijzen dat geen onderwijs geen optie is voor kinderen met ernstige beperkingen.

De twee betrokken ministers Slob (OCW) en De Jonge (VWS) krijgen voor het debat uit handen van twee kinderambassadeurs van de NSGK een brief waarin gewezen wordt op het werkbezoek dat politici en volksvertegenwoordigers in november aan zorgorganisatie Estinea in Aalten hebben gebracht. Tijdens dit bezoek werd gesproken over kinderen met een ernstige meervoudige beperking die onvoorwaardelijk passend onderwijs zouden moeten krijgen. Want ook zij hebben recht op onderwijs.

Uitzondering
De brief benadrukt dat kinderen met een ernstige meervoudige beperking wel kunnen leren, als er voor hen goede oplossingen komen. Of eigenlijk: als de politiek niet kiest voor de gemakkelijke weg van een leerplichtontheffing. Dat is eigenlijk een verlegenheidsoplossing, vinden de opstellers van de brief. Zij wijzen de volksvertegenwoordigers en politici op het voorbeeld van Milan. Daar is in november uitgebreid over gesproken. Milan is een jongen met emb die niet naar school kan door zijn beperking, en daarom nu thuis les krijgt. Hij ontwikkelt zich goed, hij is slimmer en sterker geworden. Maar hij is een uitzondering.

De ondertekenaars van de brief, waaronder orthopedagoog Lot de Swart van Estinea, Henk-Willem Laan van de NSGK en Frank Bluiminck van de VGN, hebben één doel voor ogen. “Ons doel, na het debat van 21 februari, is dat de uitzonderingen die we met elkaar hebben gedeeld tijdens uw werkbezoek aan Estinea de regel worden. Wanneer professionals, OCW en VWS synergetisch de handen ineenslaan voor onvoorwaardelijk passend duurzaam onderwijs aan deze kinderen, dan kunnen wij ook veel meer dan we denken!”

Ze vragen om professioneel vertrouwen en speelruimte, ontschotting van zorg- en onderwijsgelden  en toegankelijk ‘tech’, waarmee het leerbereik van kinderen met een emb vergroot kan worden.

De NSGK heeft al een campagne die erop nadrukkelijk op wijst dat ook kinderen met een beperking naar school gaan:
Ik ga ook weer naar school. De stichting wil hiermee aangeven dat deze groep ook vertegenwoordigd hoort te zijn in de landelijke ‘Wij gaan weer naar school’-campagne die jaarlijks in augustus van start gaat. Daarnaast is er het NSGK-project Samen naar School, waarin de stichting scholen helpt bij de oprichting van een Samen naar School-klas. Hierin zitten kinderen met een ernstige beperking bij kinderen zonder beperking in de klas binnen het reguliere basisonderwijs. 

Gelijke kansen
Dinsdag boden Actiz, GGD GHOR Nederland, GGZ Nederland, Jeugdzorg Nederland, Sociaal Werk Nederland, VOBC en VGN ook al een petitie aan in de Tweede Kamer, in de vorm van een kleurplaat, om breder aandacht te vragen voor de 15 procent van de schoolkinderen die extra ondersteuning nodig heeft. Deze zeven partijen van jeugdhulp en jeugd(gezondheids)zorg willen de kansen voor deze ruim 200.000 kinderen vergroten. 

De zeven ondertekenaars van de kleurplaat vinden dat in het VN kinderrechtenverdrag en het VN-verdrag handicap de drie voorwaarden staan die gelijke ontwikkelingskansen voor alle kinderen borgen: 

  1. Ieder kind heeft recht op passend onderwijs en passende ontwikkelmogelijkheden.
  2. Het belang van het kind staat altijd voorop, systemen zijn daaraan ondergeschikt. 
  3. Ouders zijn primair verantwoordelijk voor zorg, begeleiding en opvoeding. Onderwijs- en zorgprofessionals kunnen altijd een ondersteunende rol spelen.

Lees meer over deze petitie op de website van de VGN