Vrijheidsbeperkingen: hoe zit het nu precies?

Capelle aan Den IJssel, 27 augustus 2013 12:17 | Monica de Visser

Als jurist werkzaam in een zorginstelling voor mensen met een beperking ontvang ik regelmatig vragen over vrijheidsbeperkingen.

Wat zijn vrijheidsbeperkingen nu precies? Onder welke voorwaarden mag ik ze bij cliënten toepassen? Hoe registreer ik ze goed? Kort samengevat zit het als volgt. - Column Monica de Visser.

Vrijheidsbeperkingen van cliënten van een zorginstelling kun je onderscheiden in maatschappelijke regels, huisregels en vrijheidsbeperkende maatregelen.

  • Maatschappelijke regels gelden niet alleen voor cliënten, maar voor iedere burger in Nederland. Voorbeelden van maatschappelijke regels zijn dat je moet stoppen voor een rood verkeerslicht of dat je tijdens het rijden op de brommer een helm draagt.
  • Huisregels zijn van toepassing op alle cliënten die in een woning wonen of op een dagbestedingslocatie komen. Het gaat om algemene gedragsregels die gelden voor iedere cliënt die daar woont of dagbesteding heeft. In huisregels kunnen bijvoorbeeld afspraken staan over drugs- en alcoholgebruik of over de tijden van de pauzes.
  • Een vrijheidsbeperkende maatregel is iedere ingreep, die de rechten van een cliënt inperkt. Dus niet alleen fysieke maatregelen zoals het slapen in een bedbox, maar ook als een cliënt niet mag douchen als hij dat wil, 's nachts wordt uitgeluisterd, verplicht zijn fietssleutel moet inleveren, een deurverklikker op zijn deur is gemonteerd of dat zijn computer enkele uren van internet wordt afgesloten.

Voorwaarden
Vijf zware vrijheidsbeperkende maatregelen worden specifiek in de Wet Bijzondere Opnemingen Psychiatrische Ziekenhuizen (Wet Bopz) genoemd. Dit zijn: afzonderen, fixeren, separeren en onder het onder dwang toedienen van medicatie, vocht of voeding. Deze worden Middelen en Maatregelen (M&M's) genoemd en mag je in een zorginstelling alleen onder de strikte voorwaarden bij cliënten toepassen.

  • De cliënt moet onvrijwillig (via de rechter) of niet vrijwillig (via speciale procedure bij het Centrum Indicatiestelling Zorg) opgenomen zijn en
  • er is sprake van gevaar voor de cliënt of een ander persoon en dit gevaar kan niet op een andere (lichtere) wijze worden afgewend en
  • de zorginstelling of afdeling heeft een Bopz-aanmerking en
  • alleen na een multidisciplinair overleg en
  • voor maximaal 7 dagen.Hierna moet je de M&M met instemming van de cliënt in het ondersteuningsplan vermelden of je moet de M&M beëindigen.

Bij de toepassing van een vrijheidsbeperkende maatregel moet je altijd kijken of de maatregel wel geschikt is

  • om het gestelde doel te behalen,
  • er geen minder ingrijpend alternatief mogelijk is en
  • hoe de maatregel zo spoedig mogelijk kan worden afgebouwd.

De maatregel moet altijd gericht zijn op het belang van de cliënt en uiteraard alleen door een bevoegde en bekwame medewerker worden toegepast. Een tekort aan personeel is zeker geen reden om een vrijheidsbeperkende maatregel toe te passen.

Bespreken
Voor alle deze maatregelen geldt dat je deze vastlegt in het ondersteuningsplan van de cliënt. Ook als de cliënt en/of zijn vertegenwoordiger akkoord gaat met de uitvoering ervan. Tijdens iedere cliëntbespreking (of vaker tijdens een multidisciplinair overleg) bespreek je de afgesproken maatregel(en) met de cliënt en/of zijn vertegenwoordiger, evalueer je, zoek je naar een lichter alternatief en bouw je (indien mogelijk) de vrijheidsbeperkende maatregel af.

Deze regels gaan met de komst van de Wet Zorg en Dwang ingrijpend veranderen. Deze wet vervangt de Wet Bopz voor de Verstandelijk Gehandicaptenzorg en de Psychogeriatrie. Begin september buigt de Tweede Kamer zich weer over de wet Zorg en Dwang. In een volgend artikel meer over de veranderingen in de wet Zorg en Dwang!

Monica de Visser, zelfstandig gezondheidsrechtjurist en werkzaam in een zorginstelling voor mensen met een verstandelijke beperking, www.adviesbureau-smaragd.nl.