Beroepsgeheim in de zorg: Informatie delen over een cliënt

Deventer, 22 juli 2016 08:00 | Monica de Visser

Wat is het beroepsgeheim en waarvoor dient het? Mag er helemaal geen informatie over een cliënt worden gedeeld? Hoe zit dit dan met collega’s uit mijn team en de dagbesteding? Wat doe ik als politie of de gezinsvoogd om informatie over mijn cliënt vraagt? Juriste Monica de Visser beantwoordt veelgestelde vragen over het beroepsgeheim van begeleiders in de gehandicaptenzorg.

Wat is het beroepsgeheim en waarvoor dient het?
Alle begeleiders in de gehandicaptenzorg hebben een beroepsgeheim. Dit houdt in dat jij zonder toestemming van de cliënt in principe niets over jouw cliënt aan anderen mag doorgeven. Dat gaat om alle zaken, dus ook niet-medische informatie. Doktersassistenten, managers en secretaresses hebben vanwege hun functie ook een (afgeleid) beroepsgeheim.

De kern van het beroepsgeheim is dat iedereen zich voor vragen over zijn gezondheid of beperking tot een zorgverlener moet kunnen wenden, zonder dat je bang hoeft te zijn dat deze informatie openbaar wordt gemaakt. Zonder beroepsgeheim zouden mensen die dringend hulp nodig hebben misschien zorg gaan mijden. Daarnaast heeft ieder mens sowieso recht op bescherming van zijn privacy.


Twee uitzonderingen op toestemmingsverplichting

Zonder toestemming van jouw cliënt mag je alleen informatie delen met medebehandelaars of waarnemers, en met (wettelijke) vertegenwoordigers. Dit geldt alleen als dit noodzakelijk is en in overeenstemming met goed hulpverlenerschap.


Medebehandelaars zijn alle collega’s die noodzakelijk betrokken zijn bij de zorg en/of ondersteuning aan jouw cliënt. Binnen jouw team mag je dus zonder toestemming informatie delen. Dit geldt ook voor het delen van informatie met medewerkers van de nachtzorg en calamiteitendienst.

Het is alleen moeilijk om te beoordelen hoe noodzakelijk dit delen met betrokkenen is. Binnen je zorginstelling is dit vermoedelijk wel van toepassing, maar niet als een cliënt bijvoorbeeld een baan heeft bij Albert Hein of werkt in een kringloopwinkel.


De wens van de cliënt gaat voor

Als de (wettelijke) vertegenwoordiger informatie over jouw cliënt opvraagt, mag je zonder zijn toestemming de informatie delen. Je mag dan alleen de informatie die nodig is voor het uitoefenen van de taak als vertegenwoordiger delen.

Als een cliënt die ouder dan 12 is aangeeft dat je (bepaalde) informatie niet mag delen met zijn vertegenwoordiger, gaat zijn wens voor. De cliënt moet de gevolgen van zijn beslissing in dat geval wel kunnen begrijpen.


Doorbreken van het beroepsgeheim

Het beroepsgeheim geldt in principe voor iedereen, dus ook voor de politie, justitie of de raad van de kinderbescherming. Dit beroepsgeheim mag je volgens de hoogste rechter alleen doorbreken bij zeer uitzonderlijke omstandigheden, namelijk wanneer:

1.            De cliënt hier toestemming voor geeft.

De cliënt moet dan wel de gevolgen van zijn toestemming kunnen overzien en het moet ook in het belang van de cliënt zelf zijn. Ook mag je bij het doorbreken van het beroepsgeheim niet de privacy van anderen schaden.

2.            Wettelijke voorschriften dat met zich meebrengen.

Zo is in de nieuwe Jeugdwet het verstrekken van informatie over de jongere of zijn ouders aan de gezinsvoogd verplicht. Deze informatie moet dan wel noodzakelijk zijn voor de uitoefening van de ondertoezichtstelling.

3.            Er is sprake van een conflict van plichten: overmacht

Sommige maatschappelijke belangen zoals veiligheid, volksgezondheid en mensenrechten botsen met het individueel belang van de cliënt. Een voorbeeld hiervan is het vermoeden van kindermishandeling. De begeleider moet dan een zorgvuldige afweging maken. Om het beroepsgeheim op grond van conflict van plichten te doorbreken moet voldaan zijn aan alle volgende voorwaarden:

●             De zorgverlener moet eerst proberen om toestemming van de cliënt te verkrijgen;

●             Het niet-doorbreken van het geheim leidt tot ernstige schade bij een ander;

●             Er is geen andere manier om het probleem op te lossen;

●             De zorgverlener is in gewetensnood;

●             Het doorbreken van een geheim voorkomt of beperkt schade aan een ander;

●             Het geheim dient zo min mogelijk te worden geschonden.


Afwegen en registeren

Ook al mag je als begeleider je beroepsgeheim schenden, dan nog is het goed om eerst te proberen om wel toestemming van de cliënt te krijgen. Maak een korte aantekening en noteer waarom je geen toestemming krijgt.


Als je geen toestemming hebt gekregen om informatie te delen, maak dan – het liefst multidisciplinair – een afweging tussen het belang van de cliënt en het maatschappelijk belang. Een voorbeeld hiervan is wanneer een cliënt aan jou vertelt dat hij een buschauffeur heeft overvallen en mishandeld. Of je herkent jouw cliënt op de beelden van Opsporing Verzocht op televisie. In je afweging weeg je de ernst van het strafbaar feit en de kans op herhaling mee.

Als je zorgvuldig hebt afgewogen dat je je beroepsgeheim moet schenden, doe dit dan altijd met zo min mogelijke schending van de privacy van de cliënt. Bij de politie kun je in sommige gevallen ook anoniem melden.


Verantwoorden

Houd daarnaast altijd rekening met het feit dat je je later voor het schenden van je beroepsgeheim moet verantwoorden tegenover een (tucht)rechter of klachtencommissie. Registreer je gemaakte afweging en ondernomen stappen daarom altijd zorgvuldig!  |


Door Monica de Visser

Juridisch Adviesbureau Smaragd

www.adviesbureau-smaragd.nl